Dat aantal betekent dat er bijna dagelijks een geval was, zegt Silvia Rojas, de hoofdofficier van justitie van Ceuta. Ze vertelde de Spaanse krant El País dat migrantenmeisjes "bijzonder kwetsbaar" zijn.
Mogelijk zijn er meer dan 23 gevallen, aangezien veel slachtoffers geen aangifte doen. Ze vermijden aangifte mogelijk uit angst, maar ook vanwege hun huidige status in de exclave, schrijft de BBC. Onder de verdachten bevinden zich vier Marokkanen, drie Spanjaarden en een Belg, schrijft het Spaanse persbureau EFE.
Op 30 en 31 juli staken zeker 72.000 migranten vanuit Marokko de grens over naar Ceuta. Hoewel de meesten zijn teruggekeerd, verblijven er nog steeds zo'n vijfduizend migranten, onder wie veertien- tot zestienhonderd kinderen. De afgelopen dagen vonden gewelddadige incidenten plaats als gevolg van oplopende spanningen tussen migranten en lokale bewoners.
De Spaanse regering krijgt felle kritiek van tegenstanders vanwege haar aanpak van de crisis. Zo zei de extreemrechtse partij Vox dat premier Pedro Sánchez de controle over Ceuta "niet heeft verloren, maar overgedragen" aan Marokko. De overheid wordt ervan beschuldigd geen plan te hebben voor de crisis.
In tegenstelling tot zijn politieke tegenstanders heeft Sánchez ervoor gekozen om Marokko niet de schuld te geven. De premier beklaagde zich maandag over desinformatie over de crisis. Hij verklaarde dat geruchten en desinformatie zijn verspreid via netwerken op sociale media "die gelinkt zijn aan Rusland en Israël" en noemde extreemrechts daarbij als bron.













