Jan Struijs van 50Plus loopt over de Bezuidenhoutseweg, vorige week dinsdagmiddag. Hij is op weg naar premier Rob Jetten van D66 om te onderhandelen over de begroting voor Prinsjesdag en wat hij niet doorheeft: een van zijn jaszakken hangt binnenstebuiten, er zit een gat in. Bij de ingang van het ministerie van Algemene Zaken staat hij een minuut of zes voor drie tv-camera’s en twee fotografen. Pas daarna ziet 50Plus-Kamerlid Corrie van Brenk, die met Struijs meegaat naar Jetten, de jaszak. Ze steekt haar hand erin en duwt ’m terug op zijn plek.
Deze week verschijnt Handboek Politieke Stijl van politiek filosoof Carola Schoor en wie dat leest, snapt waarom die jaszak Struijs kan helpen om geloofwaardiger over te komen. En waarom dat bij iemand als voormalig CDA-leider Wopke Hoekstra helemaal anders zou zijn geweest. Carola Schoor onderzoekt de taal, het uiterlijk en de manier van doen van politici en laat zien hoe dat voor kiezers onbewust bepaalt hoe overtuigend zij politici vinden. Ze beschrijft zes ‘oertypes’ in de politiek – boze burger, activist, probleemoplosser, regent, samenwerker, orakel – met allerlei stijlen die erbij horen: ‘volk’ of ‘elite’, jezelf presenteren als buitenstaander of als politicus, intuïtief denken of juist rationeel, twijfelen of weten hoe het zit. Jan Struijs is ‘volk’, Hoekstra ‘elite’.






