De oversteek die tienduizenden mensen eind juli vanuit Marokko naar de Spaanse exclave Ceuta hebben gewaagd, werd niet opgepookt door de overheid van Marokko. Dat heeft de Spaanse premier Pedro Sánchez maandag gezegd tegen de Spaanse radiozender Cadena SER. Bij Spaanse inlichtingendiensten is „geen informatie bekend die twijfel doet rijzen over betrokkenheid van Marokkaanse autoriteiten”.
Toen op 29, 30 en 31 juli mensen massaal de grens overstaken, werd aanvankelijk geopperd dat Marokko dat misschien had aangemoedigd. Later bleek uit journalistieke reconstructies, onder meer in NRC, dat via WhatsApp-, Telegram- en Facebookgroepen plannen werden gesmeed om de overtocht te maken en dat daar verhalen over een ‘succesvolle’ oversteek werden gedeeld. Op die platformen zijn ook mensensmokkelaars actief.
„Criminele organisaties” hebben volgens Sánchez een uitspraak van het Spaanse Hooggerechtshof „misbruikt”. Het hof stelde op 8 juli dat mensen die zwemmend Ceuta bereiken niet zonder proces teruggestuurd mogen worden naar Marokko. De online groepen waarin die uitspraak werd uitgelegd als een vrijbrief om de grens over te steken, zijn volgens de Spaanse premier gelieerd aan Rusland, Israël en „een internationale extreemrechtse beweging die migratie altijd gebruikt” om Spanje en Europa „aan te vallen”. Volgens de Spaanse premier blijkt dat uit onderzoek van de Europese buitenlanddienst, de European External Action Service (EEAS). Deze heeft een afdeling die systematisch de verspreiding van desinformatie in kaart brengt.










