De veroordeling van Thijs Hermans tot 22 jaar cel en tbs voor de moord op drie wandelaars in 2019 moet in stand blijven. Dat is het advies van de advocaat-generaal bij de Hoge Raad op het herzieningsverzoek dat Hermans indiende. Die wilde een nieuw proces om aan te tonen dat hij vanwege een psychose volledig ontoerekeningsvatbaar was tijdens de fatale steekpartijen.
Volgens de advocaat-generaal is er in de zaak van Hermans geen sprake van een vereist novum: een nieuw feit dat tot een andere uitspraak had geleid als het tijdens het strafproces al bekend was geweest.
Thijs Hermans (op eigen verzoek met zijn volledige naam) stak op 4 mei 2019 een wandelaar in de Scheveningse Bosjes dood en drie dagen later twee wandelaars op de Brunssummerheide. Een half jaar eerder overleefde hij ternauwernood een suïcidepoging tijdens een psychose. Daarna kwam hij in behandeling bij ggz-instelling Mondriaan in Zuid-Limburg. Daar kwamen de behandelaars tot de conclusie dat Hermans ADHD had. Ze deden niets met zijn psychosegevoeligheid en gaven hem het ADHD-medicijn dexamfetamine, dat juist psychoses kan aanjagen.
Zowel het PBC-rapport als het tweede rapport adviseerde tijdens de rechtszaak om Hermans volledig ontoerekeningsvatbaar te verklaren






