Plagiaat in zijn proefschrift en leugens over zijn levensloop braken Jason Arday op. Hij raakte in opspraak bij de universiteit van Cambridge en werd het mikpunt van onthullingen en beschuldigingen, aangejaagd door de omstreden Amerikaanse „rassenrealist” Nathan Cofnas (die meent dat er een verband is tussen ras en intelligentie) en diens medestanders. Het leidde tot een loeiende mediastorm (249 artikelen in drie weken), die ermee eindigde dat Arday op vrijdag 14 augustus dood werd aangetroffen in zijn woning.

Maar behalve over zijn plagiaat gingen conservatieve activisten op tv en sociale media ook los over zijn héle wetenschappelijke werk en aanpak. Dat zou, doordrenkt van dubieuze methodes en postmodern idioom, symbool staan voor de verloedering van de sociale wetenschappen. Arday schreef onder meer ‘auto-etnografie’, een benadering die inzichten opdoet uit de eigen ‘geleefde ervaring’.

Zo is het Verenigd Koninkrijk beland in een ideologische controverse met raciale trekken over wetenschapsbeoefening die tot nu toe vooral in de VS woedde. In het bijzonder gaat het om diversiteitsbeleid – het aantrekken van studenten en docenten van kleur – en ‘inhoudelijk’ om de methodiek van postkoloniale studies en andere disciplines die witte dominantie in samenleving én wetenschap aan de orde stellen.