Het is een beproefde truc om eekhoorns, muizen en ratten te weren bij de voertafel voor vogels: voeg een extract van hete peper aan het zaad toe. De knaagdieren blijven weg, alleen de vogels eten rustig door. Vogels zijn in tegenstelling tot zoogdieren niet gevoelig voor de prikkelende stof capsaïcine in hete pepers. Zonder problemen verorberen ze een hele chilipeper.

Hoe pepers hun hitte verwierven is een interessant evolutionair verhaal, dat grotendeels is blootgelegd door de Amerikaanse bioloog Joshua Tewksbury. De vaak felgekleurde rijpe bessen van chilipeperplanten met veel vruchtvlees nodigen uit om gegeten te worden en dat is goed voor de verspreiding van zaden. Althans, dat geldt als ze gegeten worden door vogels, want die slikken de zaden heel door en poepen ze elders uit. Zoogdieren vermalen de zaden tussen hun kiezen waardoor ze niet meer kiemen. Dat capsaïcine specifiek de zoogdiervraat ontmoedigt is daarom heel voordelig voor de plant.

In een veldexperiment in Arizona liet Tewksbury zien dat alleen vogels hele chilipepers aten, waarbij de meeste werden gegeten door krombekspotlijsters (Toxostoma curvirostre). In een vervolgexperiment onderwierp hij cactusmuizen, woestijnratten en spotlijsters aan een vergelijkende voedselproef. Beide zoogdiersoorten aten helemaal niet van een scherpe peper, middelmatige hoeveelheden van een niet-scherpe peper en wel veel van andere bessen (hackberries). De vogels aten alles. Peperzaden die door de zoogdieren waren gegeten (van de niet-scherpe peper) kiemden niet. De zaden die door vogels gegeten waren bleken goed te kiemen, en bovendien juist op een voor de zaailingen voordelige plaats, onder fruitbomen in de schaduw.