Luid applaus en trompetgeschal klonken dinsdag in het Hongaarse parlement in Boedapest, nadat de parlementsleden een nieuwe president hadden gekozen. Maar achter dat luide applaus ging vooral opluchting schuil: na weken van politieke strijd was eindelijk duidelijk wie de nieuwe president van Hongarije zou worden.
Rechter András Baka (73) werd dinsdag gekozen tot president van Hongarije. Zijn benoeming volgt op de machtswisseling in het land, waarbij de centrumrechtse pro-Europese partij Tisza van premier Péter Magyar bij de verkiezingen in april een tweederdemeerderheid in het parlement behaalde.
Zoals verwacht stemde dinsdag een tweederdemeerderheid van het parlement in met de benoeming van Baka. De bankjes van de radicaal-rechtse oppositiepartij Fidesz en het extreemrechtse Mi Hazánk bleven leeg. Fidesz-parlementariërs onthielden zich van stemming omdat ze de benoeming ondemocratisch vinden.
Magyar had de zittende president Tamas Sulyok (70) al tijdens zijn overwinningsspeech op de verkiezingsavond opgeroepen om af te treden. Sulyok, wiens termijn nog tot 2029 zou duren, weigerde aanvankelijk. Maar na een grondwetswijziging, die Tisza dankzij de tweederdemeerderheid met gemak door het parlement loodste, tekende Sulyok alsnog voor zijn eigen vertrek.










