Het einde van de droogte is „niet in zicht” en maatregelen om het beschikbare water vast te houden en te verdelen, „raken op”. Dat schrijft de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling in haar wekelijkse ‘droogtemonitor’, opgesteld door Rijkswaterstaat in samenwerking met waterschappen, provincies, drinkwaterbedrijven, het KNMI en het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur.

De langdurige droogte lijkt op soortgelijke perioden in 1976, 2003 en 2018, maar de huidige situatie is „zeer bijzonder”; niet alleen stroomt er historisch weinig water door de Rijn, namelijk 615 kubieke meter per seconde bij Lobith, en is de afvoer van water door de Maas „laag”, maar ook zijn de grondwaterstanden op de meeste plaatsen „laag tot extreem laag” en daalt bovendien het peil van het IJsselmeer, de ‘nationale regenton’. Dat zal de komende weken vermoedelijk zo blijven. Zelfs als het weer omslaat naar nat en wisselvallig, dan kan de periode met lage rivierafvoeren „tot in december” aanhouden.

De watermanagers zijn volgens de droogtemonitor scenario’s aan het uitwerken zodat „tijdig gehandeld” kan worden bij voortduring van lage rivierafvoeren, toenemende verzilting van het water, en het verder dalen van het peil in het IJsselmeer. Wat die scenario’s precies inhouden, vermeldt de droogtemonitor niet.