De wet in kwestie heet de 'Nationale solidariteits- en sociale-integratiewet'. Daarmee zet de Turkse regering een stap richting de PKK, die vorig jaar besloot te ontwapenen en zichzelf op te heffen. De beweging wil haar strijd in de politieke arena voortzetten.
Met de wet worden de gevangenisstraffen van veroordeelden die waren betrokken bij de PKK opgeschort als ze geen zware "terroristische" misdrijven hebben begaan. In de praktijk zal dat neerkomen op strafvermindering. Als er binnen vastomlijnde proefperiodes geen nieuwe misdaden worden begaan, wordt de oorspronkelijke celstraf als voltooid beschouwd.
PKK-militanten en burgers zouden daardoor vanuit bijvoorbeeld Irak kunnen terugkeren naar Turkije zonder vervolging te vrezen. Om in aanmerking voor een opgeschorte gevangenisstraf moeten de betrokkenen binnen zes maanden na het ingaan van de wet een schriftelijke aanvraag indienen.
PKK-leider Abdullah Öcalan maakt formeel geen kans op verlichting van zijn levenslange straf. De nieuwe wet sluit uit dat "terroristische" PKK-topfiguren die vóór 2005, toen de nieuwe Turkse strafwet van kracht werd, levenslang hebben gekregen ervan profiteren. Wel krijgt de 77-jarige Öcalan, beter bekend als 'Apo', meer mogelijkheden om bezoek te ontvangen.











