Het aantal mensen dat om het leven kwam bij de massale oversteek van Marokko naar de Spaanse exclaves Ceuta en Melilla eind vorige week, is opgelopen tot honderd. Dat heeft burgemeester Jesús Vivas van Ceuta donderdag gezegd tijdens een bijeenkomst van het Europees Parlement, schrijven internationale persbureaus. De meesten overleden door verdrinking.

Vivas zei donderdag ook dat er nog drie- tot vijfduizend Marokkaanse migranten in Ceuta en Melilla zijn. Eerder schatte de Spaanse overheid dat aantal lager in, op ongeveer 2.500. In de laatste dagen van juli maakten naar schatting 72.000 mensen de oversteek van Marokko naar de Spaanse exclaves.

Een woordvoerder van de Europese Commissie zei donderdag verder dat het „tot nu toe gelukt is te voorkomen dat migranten illegaal doorreizen naar het Spaanse vasteland en de rest van Europa”, schrijven internationale persbureaus. Geen van de migranten die in Ceuta en Melilla aankwamen is doorgereisd.

Dat was wel een angst die leefde bij sommige Europese politici: de gebeurtenissen van vorige week leidden tot een diplomatieke crisis binnen de Europese Unie. De Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken Antonio Tajani opperde het Schengenverdrag met Spanje op te schorten. De Nederlandse vicepremier Dilan Yesilgöz (VVD) schreef dat „toekijken hoe illegale migranten Europa instromen geen optie” is.