Het waterpeil in de Donau heeft door de aanhoudende droogte het laagste niveau in tientallen jaren bereikt. Daardoor kunnen mensen op verschillende plekken nu over de bodem van de op één na langste rivier van Europa wandelen.

Zeker twintig schepen van de nazi's uit de Tweede Wereldoorlog werden ineens zichtbaar voor voorbijgangers in het Servische dorpje Prahovo, waar de rivier de grens met buurland Roemenië vormt. Het zou gaan om schepen die behoorden tot een vloot van tweehonderd schepen die in september 1944 door de Duitsers zelf tot zinken werd gebracht om het naderende Sovjetleger af te stoppen.

De schepen bij Prahovo zijn niet het enige dat door de drooglegging van de Donau aan de oppervlakte komt. Elders in de Donau, bij het Bulgaarse dorpje Ryahovo, vonden inwoners de botten van een mammoet. Wetenschappers van een nabijgelegen museum hebben tot nu toe een kaak, delen van de slagtanden, een deel van een schouderblad en een dijbeen geïdentificeerd.

In Slowakije vielen de oevers van de rivier droog, waardoor een mijn uit de Tweede Wereldoorlog aan het licht kwam. Dat gebeurde bij Virt, in het zuiden van het land, bij de grens met Hongarije.

Het lage waterpeil zorgt ook voor problemen in de regio. In Bulgarije moest een cruiseschip met tweehonderd toeristen worden ontruimd, nadat het op een zandbank was vastgelopen.