Iran overwoog de afgelopen dagen een ballistische raket af te vuren op Oekraïne, als vergelding voor een aanval op een Iraans vrachtschip op de Kaspische Zee. Ternauwernood wisten westerse diplomaten, deze Iraanse dreiging af te wenden, meldde The New York Times, na vier dagen verwoed telefoonverkeer met Teheran
Voorlopig dan, want het gevaar is nog niet geweken. Het incident lijkt een stap in de richting van een potentiële versmelting van de twee grootste internationale oorlogen van dit moment, in Oekraïne en in het Midden-Oosten, met alle risico op een groter en ingewikkelder conflict.
Het begon zaterdag met een bericht van de Oekraïense veiligheidsdienst SBOe over een reeks aanvallen op de Kaspische Zee, waaronder op „vrachtschepen die onder internationale sancties vallen en werden gebruikt voor het transport van militaire lading tussen Iran en Rusland”. Eén van de schepen was Iraans. De Kaspische Zee is de enige directe handelsroute voor de twee bondgenoten, die beide economisch zijn beperkt door westerse sancties. Iran zegt dat het een gewoon vrachtschip betrof. Door de aanval zou één bemanningslid om het leven zijn gekomen.
Alsnog kans op Iraanse vergelding
Teheran kondigde wraak aan en de kans is groot dat er alsnog vergelding komt, zegt Nikita Smagin, expert in Iraans en Russisch beleid in het Midden-Oosten en verbonden aan de denktank Carnegie Endowment for International Peace. De Iraanse militaire cultuur leunt sterk op het idee dat aanvallen moeten worden beantwoord. „Maar Iran zal zelf bepalen wanneer en hoe. Dat kan nog lange tijd duren.”













