Het zou zomaar kunnen dat spinnen laat in de puberteit komen. Of dat de spinnenvariant van testosteron ze boos en onberekenbaar maakt. Dat is in ieder geval zo in het Marvel Cinematic Universe (MCU) waar door spinnen gebeten jongemannen uitgroeien tot superhelden. En waar Peter Parker oftewel Spider-Man aan het begin van Brand New Day boevenvangend door New York slingert alsof het een saaie kantoorbaan is en er ’s avonds door zijn AI-assistent op wordt gewezen dat zijn stresshormonen op hol aan het slaan zijn.

Brand New Day is de vierde Spider-Manfilm met Tom Holland in de hoofdrol. Na zijn nogal bleue Telemachus in The Odyssey is hij lekker in zijn rol gegroeid, en ook zijn briljante jeugdvriend Ned en nog slimmere grote liefde MJ (Zendaya) maken weer hun opwachting. Al heeft hij er, zo memoreert hij in de openingsscène, ook voor moeten zorgen dat ze hun gezamenlijke avonturen vergeten zijn. Want zo besluit hij in een van de vele oneliners die de film doen voortstruikelen: „Soms moet Spider-Man beslissingen nemen die Peter Parker pijn doen.” Volwassen worden gaat van au.

Meer dan in de vorige films zet nieuw aangetrokken regisseur Destin Daniel Cretton in op het Peter Pan-thema van de eeuwige jeugd, zoals in de comics van Stan Lee en Steve Ditko. Voor hij filmmaker werd, werkte Cretton in een opvanghuis voor jongeren met mentale of sociale kwetsbaarheden. Zijn doorbraakfilm Short Term 12 speelde zich af in zo’n tehuis. En met zijn eerste grote mainstreamfilm Shang-Chi and the Legend of the Ten Rings (de 25ste Marvel-film en de eerste met een hoofdfiguur met een Aziatische achtergrond) wilde hij een rolmodel voor zijn zoon creëren.