Sinds Shein zijn pakketjes vol ultrafastfashionproducten niet meer duty free naar consumenten in de Verenigde Staten kan laten vliegen, heeft de Chinese webwinkel meer moeite om Amerikaanse klanten te trekken. In de eerste drie maanden van dit jaar verkocht Shein voor ruim 2 miljard dollar aan producten in de VS, een daling van 14 procent vergeleken met dezelfde periode een jaar eerder. Dat blijkt uit cijfers die Shein zondag heeft gedeponeerd bij de Hongkongse aandelenbeurs.
Tot mei vorig jaar waren in de VS pakketjes met een waarde van minder dan 800 dollar vrijgesteld van importbelastingen. Die uitzondering werd geschrapt, waardoor de T-shirts, jurkjes en sportschoenen van Shein met heffingen van tot wel 87,5 procent worden belast. Die rekent de webwinkel via prijsverhogingen door aan consumenten.
Het afschaffen van de uitzonderingsregel drukt de groei van Shein behoorlijk. In 2025 steeg de wereldwijde omzet met 8 procent, terwijl dat een jaar eerder nog 21 procent was. De VS zijn een belangrijke afzetmarkt voor Shein, een kwart van de omzet wordt daar behaald.
Ook zorgt de afschaffing voor gestegen logistieke kosten omdat de nu verplichte douane-aangifte voor meer papierwerk zorgt. Per bestelling is Shein nu 17,70 dollar kwijt aan de logistiek. Volgens de webwinkel zijn er inmiddels „tekenen van normalisering in het koopgedrag van Amerikaanse klanten” te zien.










