Bordeaux, 10 juliDe wegkapitein is gevallen

Op het linkeronderbeen van John Degenkolb zit een wond. De korst is er vanaf, het is nog wel een beetje roze. Zijn schouder is ook beurs. „Het doet nog behoorlijk pijn”, zegt de renner. „Vooral ’s nachts, tijdens het slapen.”

De Tour de France is een week onderweg en Degenkolb ligt op zijn rug op de massagetafel in een hotel in Bordeaux. Een handdoekje bedekt zijn kruis. In de hotelkamer hangt een sterke geur van lavendel – de massageolie. Uit een boxje klinkt rockmuziek: Metallica, Kings of Leon, Red Hot Chili Peppers.

Die wond, vertelt Degenkolb, komt niet door een val in het peloton. Het gebeurde op de dag voor de Tourstart, in Barcelona, tijdens een trainingsritje met de ploeg. Onderuit gegleden in een bocht, hard tegen het asfalt. „Nee, niet de beste manier om een Tour te beginnen.”

Zestien jaar is Degenkolb (37) nu beroepsrenner. Hij is de nestor van Picnic PostNL, het Nederlandse team waarvoor hij al elf jaar uitkomt. De grote zeges in zijn carrière liggen alweer een tijdje achter hem – Milaan-Sanremo (2015), Parijs-Roubaix (2015), etappes in de Tour en de Vuelta – maar plezier in wielrennen heeft hij nog altijd. Hij heeft tegenwoordig de rol van wegkapitein: de renner die zijn collega’s iedere dag heelhuids door de etappe moet gidsen.