M. zou zijn broer met een zakmes in zijn hals, hoofd en lichaam hebben gestoken. Het slachtoffer had 33 steekwonden en 102 snijwonden. Zijn hals was grotendeels doorgesneden.

Agenten troffen het slachtoffer aan in de gang van het ouderlijk huis van de broers, nadat hun zus de politie had gebeld. Hulpverleners probeerden hem nog te reanimeren, maar dat mocht niet meer baten.

Kort na het incident werd M. in de buurt aangehouden. Hij was zelf ook gewond en had onder meer een slagaderlijke bloeding. Volgens de officier van justitie keek hij met wijd openstaande ogen om zich heen en reageerde hij nergens meer op.

Volgens het Openbaar Ministerie (OM) bestaat er geen twijfel dat M. verantwoordelijk is voor de dood van zijn broer. Op het mes werd DNA van zowel de verdachte als het slachtoffer aangetroffen. Een deurbelcamera van buren registreerde bovendien hoe de broer ruim vier minuten lang in doodsangst naar de verdachte riep om te stoppen.

Bij M. is een psychotische stoornis vastgesteld, wat hem volgens het OM sterk verminderd toerekeningsvatbaar maakt. Hij heeft verklaard zich niets te herinneren van de steekpartij. De advocaat van M. betoogde dat zijn cliënt volledig ontoerekeningsvatbaar is en vroeg de rechtbank om hem zo snel mogelijk met een tbs-behandeling te laten beginnen.