vandaag, 20:56Een vrouw houdt aan een mishandeling in Enschede twee gebroken ribben en een afgebroken voortand over. Toch gaat de verdachte, een man uit Groningen, vrijuit. De rechtbank gelooft haar verhaal, maar een slordige fout van justitie kan maar één oordeel betekenen: vrijspraak.Het slachtoffer heeft tegenover de politie verklaard dat zij door een 46-jarige man uit Groningen is vastgepakt, op de grond is gesmeten en door de man met een houten borstel klappen tegen haar hoofd heeft gekregen. Ook zegt ze dat er tegen haar ribben is geschopt en dat ze bij de keel is gegrepen.Aan de mishandeling houdt ze twee gebroken ribben en een afgebroken voortand over.Geloofwaardige aangifteEen geloofwaardige verklaring, zo oordeelt de rechtbank. In de uitspraak stellen de rechters dat "de aangifte van het slachtoffer betrouwbaar wordt geacht". Dit omdat de verwondingen die de vrouw heeft opgelopen overeenkomen met het verhaal dat het slachtoffer heeft verteld op het politiebureau.Een pleegdatum is een cruciaal onderdeel van een tenlasteleggingHet Openbaar Ministerie sleept de Groninger voor de rechter voor zware mishandeling. Mocht de rechtbank daar anders over denken, dan zet justitie in elk geval in op een veroordeling voor mishandeling.De rechter oordeelt dat er in dit geval juridisch gezien geen sprake is geweest van zware mishandeling. Dit omdat het niet nodig was om medisch in te grijpen bij de ribbreuken. Ook de afgebroken voortand kon relatief makkelijk worden hersteld.Fatale foutWat daarna volgt, is een uitglijder die het Openbaar Ministerie duur komt te staan. De officier van justitie heeft in de aanklacht van de mishandeling namelijk genoteerd dat het strafbare feit "omstreeks 25 februari 2022" heeft plaatsgevonden. Dit terwijl uit het dossier blijkt dat de geweldsexplosie uiterlijk op 16 februari 2022 is gebeurd.Die fout blijkt fataal. "Een pleegdatum is een cruciaal onderdeel van een tenlastelegging en kan daarom niet verbeterd worden gelezen", zegt de rechtbank. Omdat de datum niet klopt, spreekt de rechtbank de verdachte ook van de lichtere feiten vrij.De Groninger, die na zijn aanhouding één dag heeft vastgezeten, wordt daarom vrijgesproken. Het Openbaar Ministerie kan nog besluiten in hoger beroep te gaan tegen het oordeel.