Het verbod op de verkoop van Solvinity, het bedrijf dat de technologie beheert waarop inlogdienst DigiD draait, wordt niet opgeschort. Dat heeft de Rotterdamse voorzieningenrechter deze dinsdag bepaald.

In mei besloot staatssecretaris Willemijn Aerdts (Digitiale Economie en Soevereiniteit, D66) dat de voorgenomen verkoop van Solvinity aan de Amerikaanse onderneming Kyndryl „mogelijk een risico voor het publieke belang” zou vormen. Daarom verbood ze de transactie.

Solvinity en zijn grootaandeelhouder zetten daartegen niet alleen een bezwaarprocedure in gang. Ze vroegen de rechtbank Rotterdam in een spoedprocedure bovendien om het verbod – in afwachting van de uitkomst van de bezwaarprocedure – op te schorten. De staatssecretaris zou zich, suggereerden hun advocaten eerder deze maand in de rechtszaal, hebben laten „meeslepen door commotie in de media”.

In politiek en media had het nieuws dat Solvinity verkocht zou worden aan een Amerikaans bedrijf geleid tot onrust en bezorgdheid, over de mogelijkheid dat gevoelige persoonsgegevens van Nederlandse burgers daardoor in handen van de Amerikaanse overheid kunnen vallen. Met DigiD wisselen burgers veilig online gegevens uit met onder meer de Belastingdienst, pensioenfondsen, zorgverzekeraars en overheden.