Uit alle macht probeerden advocaten van Solvinity en zijn aandeelhouders maandag in de rechtbank Rotterdam het verbod van tafel te krijgen, waarmee het kabinet in mei de verkoop blokkeerde van het bedrijf aan een Amerikaanse onderneming. Solvinity beheert onder meer de technologie waarop de veelgebruikte inlogdienst DigiD en berichtenbox MijnOverheid draaien.
De voorzieningenrechter zal binnen twee weken uitspraak doen of hij ervan overtuigd is dat Solvinity een spoedeisend belang heeft bij opschorting van het verbod, en of het bedrijf aannemelijk heeft gemaakt dat het verbod „ernstig onrechtmatig” is. Wijst de rechter het verzoek tot schorsing af, dan kunnen Solvinity en zijn aandeelhouders hun hoop nog vestigen op de bezwaarprocedure die ze in gang hebben gezet, waarop het kabinet uiterlijk in september moet reageren.
In media en politiek is sinds begin dit jaar veel aandacht geweest voor, en bezorgdheid geuit over de verkoop van Solvinity
In mei verbood staatssecretaris Willemijn Aerdts (Digitale Economie en Soevereiniteit, D66) de verkoop van Solvinity aan het Amerikaanse Kyndryl. De beoogde overname zou „mogelijk een risico voor het publieke belang” vormen, aldus de staatssecretaris. Ze baseerde zich daarbij, schreef ze aan de Tweede Kamer, op een advies van het Bureau Toetsing Investeringen (BTI) van het ministerie van Economische Zaken.








