Er is geen vuiltje aan de lucht voor Senegal, tijdens de eerste knock-outronde van het WK voetbal. Het staat 2-0, het elftal domineert. Tot België in het Lumen Field-stadion in Seattle in de 86ste minuut uit het niets terugkomt tot 2-1. Stress schiet in de Senegalese ploeg. Drie minuten later zit de Senegal-keeper Mory Diaw mis na een Belgische voorzet: 2-2. Het drama is compleet als Senegal in de verlenging een strafschop tegen krijgt. België gaat door, verslagen liggen Senegalese spelers op het veld.
Na de groepsfase van het WK zaten negen van de tien deelnemende Afrikaanse landen nog in het toernooi. Kaapverdië stuntte met een gelijkspel tegen Spanje, DR Congo speelde knap gelijk tegen Portugal en de grotere Afrikaanse voetballanden Egypte, Marokko, Senegal en Ivoorkust deden wat van hen werd verwacht. Ook Zuid-Afrika, Ghana en Algerije gingen door; alleen voor Tunesië was het toernooi na drie duels klaar.
Reden voor Patrice Motsepe, voorzitter van de Afrikaanse voetbalbond CAF, om de loftrompet te steken. „Het topniveau van het Afrikaanse voetbal wordt hier duidelijk onderstreept”, zei hij na de kwalificatie van de negen Afrikaanse landen. Volgens Algerije-sterspeler Riyad Mahrez toonden de resultaten „de kwaliteiten van het Afrikaanse voetbal aan”, die nog te vaak zouden worden onderschat.








