De ontdekking werd gedaan toen een deel van het stoffelijk overschot werd teruggeplaatst in het graf in het Utrechtse Maarn, vertelt een woordvoerder van het Openbaar Ministerie aan NU.nl na berichtgeving van RTV Utrecht. Daarbij bleek dat de schedel van het meisje, dat in 1976 dood werd aangetroffen, niet in het graf lag.

Bij een doorzoeking van meerdere politieopslaglocaties werd de schedel gevonden, maar de onderkaak ontbreekt nog steeds. "Vermoedelijk ligt de kaak ergens in die opslag. Er wordt nog naar gezocht", zegt de woordvoerder. De schedel is inmiddels teruggeplaatst in het graf. Daarvoor werd het graf voor de vijfde keer geopend.

Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) heeft door de jaren heen vaker onderzoek gedaan naar de identiteit van het meisje. Telkens als er nieuwe onderzoekstechnieken beschikbaar komen, wordt gekeken of daarmee nieuwe informatie kan worden achterhaald. Dergelijk onderzoek heeft ook al vaker in het buitenland plaatsgevonden.

Het lichaam van het Heulmeisje werd in 1976 gevonden op parkeerplaats De Heul in Maarsbergen. Een van de weinige dingen die toen vaststonden, was dat het meisje al maanden dood was toen ze werd gevonden.

Van het Heulmeisje is bekend dat ze de eerste zeven jaar van haar leven in de Duitse Eifel heeft gewoond. De laatste maanden van haar leven bracht ze waarschijnlijk in Oost-Europa door. Het meisje kreeg zeker een jaar lang zeer eenzijdige voeding. Dat kan erop wijzen dat ze gevangen werd gehouden. Het meisje is tussen de twaalf en vijftien jaar oud geworden.