Het presidentiële decreet waarmee Donald Trump op dag één van zijn tweede termijn probeerde het geboorterecht op staatsburgerschap af te schaffen, druiste evident in tegen de Amerikaanse grondwet. In het veertiende amendement staat immers: „Alle personen die in de Verenigde Staten zijn geboren of genaturaliseerd, en die onder de rechtsmacht daarvan vallen, zijn staatsburger”. De president wilde de kinderen van illegale en tijdelijke migranten daarvan uitsluiten.
Toch was geen grondwetsgeleerde, laat staan een migrant met een sinds januari 2025 in de VS geboren kind, er helemaal zeker van dat het huidige Hooggerechtshof de president zou terugfluiten. Het Hof, bestaande uit zes conservatieve en drie progressieve rechters, deed dat dinsdag in haar arrest van bijna tweehonderd pagina’s wel. Trumps decreet is ongrondwettelijk.
Staatsburgerschap betekent „het recht om rechten te hebben – om vrijelijk deel te nemen aan onze politieke gemeenschap”, schreef opperrechter John Roberts namens een meerderheid van zes rechters. De opstellers van het betreffende grondrecht „breidden die belofte uit naar ‘iedere vrij-geboren persoon’ in dit land”, aldus Roberts. „Vandaag houden wij ons aan die belofte.”











