In een hard, fysiek en meeslepend gevecht is het Nederlands elftal op het WK op pijnlijke wijze uitgeschakeld door Marokko. In Estadio Monterrey in het noordoosten van Mexico was Marokko in lange fases superieur tegen het bijzonder kwetsbare, povere Oranje. Het verloor via strafschoppen, na een 1-1 stand in de verlenging. In de reguliere speeltijd leidde Nederland kort voor tijd nog.

Een volle maan was zichtbaar boven het stadion, kort voor tien uur lokale tijd, toen de ene na de andere speler bij Oranje naar de grond zakte. Uitzinnige taferelen bij Marokko, na het winnen van de strafschoppenserie met 3-2. Na 2014 en 2022 is het de derde keer op rij dat Oranje op een WK wordt uitgeschakeld via strafschoppen.

Het was op voorhand een van de grootste wedstrijden in jaren voor Oranje, in de zestiende finales van het WK. Het werd een van de meest teleurstellende. Nederland zakte ver naar achteren, kwam moeilijk onder de aanvalsgolven van Marokko uit. Het was aan het formidabele optreden van keeper Bart Verbruggen – en veel geluk – te danken dat Oranje niet meer goals tegen kreeg.

Behoudende tactiek

Koeman kiest voor een behoudende tactiek met vijf verdedigers: drie centraal en twee opkomende wingbacks. Met dat 5-2-3-systeem stapt hij af van het traditionele en offensievere 4-3-3. De multifunctionele Nathan Aké versterkt het centrum van de defensie, wat ten koste gaat van aanvallende middenvelder Tijjani Reijnders. In de groepsfase gaf Oranje met vier verdedigers „te veel ruimte weg”, zei Koeman kort voor de aftrap tegen de NOS. „Nu staan we compact met één extra man.”