vandaag, 19:37In 2002 is Arjan Erkel werkzaam als directeur van een Artsen zonder Grenzen-team in de Russische deelstaat Dagestan. Wanneer hij op een avond onderweg naar huis is, neemt zijn leven een drastische wending. “Ik zag vier gasten met pistolen op ons aflopen”, zegt hij in Taxi Rijnmond.Het is het begin van het nieuwe millennium en Arjen Erkel, geboren in Rotterdam-Prinsenland, reist voor zijn werk de hele wereld over. Geen jetset-achtige praktijken, maar keihard werken in probleemlanden voor Artsen zonder Grenzen. “Eerst zat ik in Sierra Leone, maar ik wilde hogerop”, vertelt hij terwijl hij in de Youtube-serie Taxi Rijnmond door zijn oude wijk rijdt. “Toen kwam er een positie als directeur vrij in Rusland. Ik solliciteerde en kreeg de baan.” Ontvoering en extreem geweld in Hoogvliet: ‘Moeten we hem doodschieten?’(opent in nieuw venster)Vermist meisje (10) liet een hond uit toen ze door buurtbewoonster werd herkend: 'Heb haar een boterhammetje gegeven'(opent in nieuw venster)Direct foute boelArjan komt terecht in Dagestan, een deelstaat in het zuiden van Rusland. Het is onrustig in die regio, er zijn veel vluchtelingen vanwege een burgeroorlog in het nabijgelegen Tsetjenië. Artsen zonder Grenzen, met onder andere Arjan, hielp die vluchtelingen op te vangen. “Op een avond was ik eten bij mijn schoonfamilie”, vertelt Arjan terwijl hij door Prinsenland rijdt. Hij had een verloofde die uit de regio kwam. “Rond een uur of negen werd het tijd om naar huis te gaan. Terwijl de chauffeur en ik wegrijden, rijdt een auto vanuit de berm op de weg dwars voor ons.”Foute boel, weet Arjan direct. “Ik zag vier gasten uitstappen en met pistolen op ons aflopen.” Geen paniek, eerst contactWanneer Arjan uitstapt - met zijn handen al preventief in de lucht – wordt hij van achter neergeslagen. “En toen ben ik helemaal in elkaar geslagen, tot bloedens aan toe.” Even dacht de Rotterdammer dat het einde verhaal zou zijn, maar het blijkt slechts het begin van een reeks traumatische gebeurtenissen.“Daar zat ik dan, met mijn hoofd tussen mijn knieën. Een pistool op mijn slaap en een ander op mijn hart.” Dat is het moment dat de paniek toeslaat. Arjan heeft maar al te goed door dat hij wordt ontvoerd. “De tranen sprongen in mijn ogen, ik wilde smeken of ze me alsjeblieft niet wilden loslaten.”Maar dan kickt de rationaliteit in. “Ik had geleerd dat wanneer je ontvoerd wordt, je geen paniek moet krijgen. Je moet altijd contact maken. En als ik zou smeken, dan maak ik op een verkeerde manier contact. Ik wilde als een echte vent - want er heerst daar nogal een machocultuur -respect afdwingen.” Psychologische spelletjesNa een tijd wordt Arjen overgeleverd aan een andere groep rebellen. Dan begint het échte lijden. “Toen kwam ik in een hok van 1,5 bij 2 meter terecht onder de grond.” Staan kon er amper, blikt hij terug terwijl Rijnmond en Arjan stilstaan bij zijn oude huis. “Die plek leek op een graf.” Intussen worden psychologische spelletjes gespeeld met Arjan. “Dan groeven ze gaten in de grond en dreven ze me in de achterbak van een auto. Of ze lieten me dagenlang alleen zonder voedsel of water.” Telkens weer denkt Arjan dat de dood op de loer ligt. “Je praat jezelf continu angst aan. Als er werd gefluisterd of een helikopter overvloog, dacht ik dat het zover was.”UltimatumvideoIn dat gat onder de grond rijgt de tijd zich aaneen. Arjan zit maar liefst vijftien maanden vast in het donkere gat. Nooit zag hij het gezicht van één van zijn gijzelaars, ze droegen altijd een bivakmuts. De enige keer dat hij nog wist dat de buitenwereld hem niet vergeten was, was wanneer hij een video op moest nemen. “Met een ultimatumvideo moest ik vertellen dat als er binnen tien dagen niet wordt betaald, ik zou worden doodgeschoten.” Die video is nog steeds te zien, merkt hij op in Taxi Rijnmond. Arjan wist dat zijn leven iets waard was. “Maar ik wist nooit zeker of ik het zou overleven. Soms dacht ik ook: laat mij maar doodgaan.” Handen schudden en gaanOp een dag, zonder dat Arjan dat weet, is de bevrijding ineens erg dichtbij. “Ze zeiden dat ze me gingen overhandigen aan een andere groep. Heel spannend, want ik had twintig maanden bij dezelfde groep gezeten.” Dat is het moment dat Arjan, na alles wat hij heeft doorgemaakt, toch breekt. “Ik moest huilen. Het maakte me bang, net als een kind dat voor het eerst naar school gaat.” Arjan stelt nog voor om zijn boeken en andere spullen mee te nemen, maar dat was niet nodig. “Dan gaan je hersenen op hol slaan. Wat betekent dat? Gaan ze me doodmaken?” De rebellen verzekeren Arjan dat hij echt niks nodig heeft. “Toen heb ik nog een paar handen geschud en moest ik in de kofferbak liggen.” 'Welkom thuis’Wanneer Arjan op de volgende bestemming is en de kofferbak opengaat, kijkt hij recht in de gezichten van twee mannen. “Her waren onwijs gure types”, weet Arjan nog. “Ze hadden geen bivakmutsen op, dus ik schrok me wezenloos.” Maar de mannen hadden een onverwachte boodschap. “Ze zeiden: ‘Welkom thuis’.” Toen Arjan met de Nederlandse ambassade aan de lijn hing, had hij een sprankje hoop. “Maar pas in Moskou voelde ik me echt veilig.” Feyenoord speelt gelijkDe Nederlandse overheid zorgt er vervolgens voor dat Arjan veilig op Rotterdam/The Hague Airport, destijds nog Vliegveld Zestienhoven, landt. “Daar stonden mijn ouders maar ook alle journalisten van heel Nederland.” Na zo’n twintig maanden Russisch spreken, voelt het wat onwennig om Nederlands te praten, vertelt hij grijnzend in Taxi Rijnmond. Toch weet Arjan nog één memorabele zin te produceren: “Ik zei: ‘Wel jammer dat Feyenoord vandaag gelijk heeft gespeeld’.” Na 607 dagen gevangenschap is Arjan op eerste paasdag 2004 weer terug in Nederland. Zonder al te veel kleerscheuren is hij van zijn avontuur bekomen. “Al ben ik wel ongeduldig als mensen mij laten wachten, of als ik in een rij sta.”
Hoe Arjan Erkel na 607 dagen in gevangenschap van rebellen weer vrijkwam: 'Je hersenen slaan op hol'
In 2002 is Arjan Erkel werkzaam als directeur van een Artsen zonder Grenzen-team in de Russische deelstaat Dagestan.
Arjan Erkel, directeur van Artsen zonder Grenzen in Dagestan, werd in 2002 ontvoerd en 607 dagen vastgehouden door Tsjetsjeense rebellen, waarvan 15 maanden in een ondergrondse cel. De ervaring illustreert de extreme veiligheidsrisico's en psychologische impact van langdurige gijzeling op professionelen in conflictgebieden.






