Een ongewoon grauwe, doordeweekse ochtend in Ramallah. Predikant Munther Isaac – zwart pak en dito schoenen, bril met minimalistisch montuur – komt de heuvelachtige weg aflopen, en opent de deuren van de lege Evangelische Lutherse Kerk. In een kantoortje met donkerbruine lambrisering en historische zwart-wit foto’s aan de muur, zakt hij in een leren bureaustoel.

Ramallah, zegt hij met een minzame glimlach, is „een grotere gevangenis dan Bethlehem, maar met meer vermaak binnen de gevangenis”. Zeven jaar lang was Isaac (47) predikant van de Lutherse Kerk in Bethlehem, eveneens op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever. Nu woont hij met zijn gezin in Ramallah, waar hij een gemeente dient van circa zeventig christelijke Palestijnse families.

Het lijkt passend dat Isaac als politiek zeer uitgesproken predikant nu in Ramallah werkt. In de stad zetelt de Palestijnse Autoriteit, dat beperkt bestuur heeft over de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever. En het is de werkplek van veel diplomaten, met wie hij regelmatig ontmoetingen heeft.

Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever, inclusief Isaac, kunnen Israël en het door Israël geannexeerde Oost-Jeruzalem – inclusief de Oude Stad met christelijke kerken en heiligdommen – niet in zonder een zeldzame permit. Iedere zes maanden moet hij die opnieuw aanvragen.