Daar stonden ze dinsdagochtend, op de luchthaven Brussel Zaventem. Vijf leden van de Taliban, met een visum voor één dag in hun paspoort en een grote afspraak in hun agenda.
Ongemakkelijk is een understatement. Maar wie afgewezen Afghaanse asielzoekers wil uitzetten, kan nu eenmaal niet om de Taliban heen, vinden Nederland en veertien andere EU-landen. Daarom overlegden ze dinsdag achter gesloten deuren met de Taliban-delegatie.
De ontmoeting, onder leiding van de Europese Commissie, ligt gevoelig. Meteen benadrukte de Commissie dat het slechts om „technische gesprekken” gaat. Ambtelijk van aard, geen écht diplomatiek overleg. „Dit betekent niet dat Nederland de relatie met de Taliban gaat normaliseren”, aldus een woordvoerder van het ministerie van Asiel en Migratie.
En toch is het niet niks. Al sinds de machtsovername in Kabul in 2021 verkeren de Taliban in een diplomatiek isolement. Internationaal wordt het islamistische bewind alleen door Rusland als legitieme regering erkend. Drie Taliban-kopstukken kregen sancties opgelegd door de Europese Unie.
Van toenadering is al helemaal geen sprake meer sinds de Taliban in 2024 de zogenoemde Moraliteitswet aanscherpten. Sindsdien is het vrouwen verboden buitenshuis hun stem te laten horen. Meisjes mogen na hun twaalfde niet meer naar school, vrouwen mogen veel beroepen niet meer uitoefenen en ook niet reizen zonder mannelijke begeleider.












