Oud-minister Robbert Dijkgraaf was deze week in Brussel voor een conferentie over wetenschap en ondernemen. Daar hoorde hij weer wat hij zo vaak in het buitenland hoort: complimenten voor de manier waarop Nederland zijn kenniseconomie heeft opgebouwd. Universiteiten werken goed samen. Bedrijven en overheid draaien volop mee. Subsidies uit Brussel worden succesvol binnengehengeld.

„Daar wil je in Europa meer van zien”, zegt Dijkgraaf, die na zijn tijd als minister van Onderwijs (voor D66) weer aan het werk is als universitair hoogleraar en binnenkort aantreedt als voorzitter van de International Science Council.

Hij was enthousiast toen hij vorig jaar zag dat de Europese Commissie onder Ursula von der Leyen het EU-geld radicaal anders wil verdelen. Niet boeren en arme regio’s voeren de boventoon in de nieuwe begroting, maar onderzoek, innovatie en concurrentiekracht.

Dat is ook wat de Italiaanse oud-premier en oud-ECB-baas Mario Draghi kort daarvoor had bepleit in een rapport waaraan Dijkgraaf had meegewerkt. „Nederland belichaamt die aanpak van Draghi. Dus als iemand van deze nieuwe agenda profiteert, is het Nederland.”

Het voorstel van Commissievoorzitter Von der Leyen is om de komende zeven jaar 2.000 miljard euro uit te geven.Foto Yves Herman/REUTERS