Er gaat vaak veel aandacht uit naar schade die wolven veroorzaken, maar grauwe ganzen kosten de provincies het meeste. In totaal werd vorig jaar ruim 46 miljoen euro uitgekeerd, blijkt dinsdag uit cijfers van BIJ12 over heel 2025. BIJ12 is de organisatie die namens de twaalf provincies dit soort zaken afhandelt.

Dat geld ging voornamelijk naar boeren. Zij kunnen een vergoeding krijgen voor gewassen die worden opgegeten door inheemse diersoorten. Grauwe ganzen leven in grote groepen en kunnen grote schade aan een weiland aanrichten.

Gras is dan ook het belangrijkste gewas waar provincies schadevergoedingen voor betaalden. In totaal ging het om bijna 65 miljoen euro. Ook brandganzen (11,4 miljoen euro), kolganzen (6 miljoen euro), rotganzen (2,4 miljoen euro), knobbelzwanen (1,7 miljoen euro) en de eendensoort smient (2,5 miljoen euro) hadden daar een aandeel in.

Wolven staan met 1,5 miljoen euro op de negende plek op de ranglijst van diersoorten die de meeste schade aanrichten. Dat is nog achter de houtduif (derde plek, ruim 10 miljoen euro) en mezen (zevende plek, 2,4 miljoen euro).

Wel is het zo dat de vergoeding voor wolvenschade vorig jaar twee keer zo hoog was als het jaar ervoor. Het aantal wolven in Nederland groeit nog altijd. Op dit moment zijn er naar schatting tussen de 130 en 200.