vandaag, 08:59Met in totaal meer dan 100.000 volgers op TikTok, Instagram en YouTube, geven de Wanrooytjes dagelijks een ongefilterd inkijkje in hun leven op het woonwagenkamp. Met een flinke dosis humor rekenen ze af met de hardnekkige vooroordelen die daar nog altijd over bestaan.Anno van Wanrooy en Maria Dekkers (afkomstig uit Rotterdam) braken ruim vijf jaar geleden door bij het grote publiek via het realityprogramma Bij ons op het Kamp. Inmiddels zijn ze niet meer weg te denken van sociale media, waar ze samen met hun vier zoons een inkijkje geven in hun dagelijkse leven. TrotsDat de Wanrooytjes trots zijn op hun identiteit, blijkt uit alles. Hun herkomst is een mix van Sinti- en Reizigersbloed, een cultuur die al honderden jaren teruggaat. Die identiteit wordt door de Wanrooytjes volledig omarmt. "Je kan een meisje wel uit de wagen halen, maar de wagen haal je nooit uit het meisje", lacht Dekkers.Woonwagens moeten wijken voor nieuwbouw: 'Wij worden gewoon weggejaagd'(opent in nieuw venster)Piet heeft een woonwagen en strijdt tegen vooroordelen: 'We betalen gewoon belasting'(opent in nieuw venster)De diepgewortelde tradities uiten zich bijvoorbeeld in een strikte etiquette. Zo is het op het kamp ondenkbaar om in een bikini rond te lopen en dragen de oudere generaties vrouwen uit fatsoen nog altijd lange rokken. Om het verschil in hun afkomst simpel uit te leggen, gebruiken ze vaak een muzikale vergelijking. "Frans Bauer is een Reiziger en Django Wagner is een Sinti."VooroordelenDat de Wanrooytjes als woonwagenbewoners te maken krijgen met vooroordelen, erkennen ze direct. Tot frustratie van Van Wanrooy bestaan er bijvoorbeeld vooroordelen over belastingontduiking. “Mensen denken dat we geen belasting betalen, maar ik kan je zo een stapel blauwe brieven laten zien.” Bovendien verwijt Van Wanrooy de media een eenzijdige focus. “Als er bij de ‘burgers’ iemand wiet kweekt of een laboratorium heeft, hoor je niks”, vertelt hij. “Bij ons wordt het direct groot uitgemeten in de krant. Ik zou willen dat ik een goede wietplantage had, dan was mijn wagen al een stuk groter geweest”, voegt hij daar lachend aan toe.ConsequentiesAl die vooroordelen hebben voor woonwagenbewoners wel degelijk gevolgen, leggen de Wanrooytjes uit. “Toen ik achttien was, werkte ik in een kledingwinkel”, herinnert Dekkers zich. “Toen mijn baas hoorde dat ik van het kamp kwam, werd ik op staande voet ontslagen.”En ook in contact met instanties voelen de Wanrooytjes zich niet altijd serieus genomen. “We dienden een schadeclaim in bij de verzekering, maar hoorden gelijk terug: ‘Jullie kampers hebben ook altijd wat.’” WoningnoodDe grootste zorg van het gezin ligt echter bij de toekomst van hun vier zoons. Hoewel de jongens niets liever willen dan op het kamp blijven wonen, is het krijgen van een 'vak' – een officiële staanplaats – vrij ingewikkeld. “De wachtlijsten zijn ontzettend lang en er komen nauwelijks plekken bij”, legt Dekkers uit. “Wij worden niet erkend als een aparte cultuur, terwijl we dat wel zijn. We hebben gewoon meer plekken nodig.”Ondanks de serieuze ondertoon verliezen de Wanrooytjes nooit hun kenmerkende humor. In gesprek met Rijnmond-verslaggever Mikal kreeg het duo nog meer vooroordelen over woonwagenbewoners voorgelegd. Bekijk de video hieronder: