De Nederlandse Toneeljury heeft de tien voorstellingen gekozen die volgens haar de meest indrukwekkende van het afgelopen seizoen waren, vijf in de grote zaal en vijf in de kleine zaal. De voorstellingen voor de grote zaal zijn keurig verdeeld over de grote gezelschappen: ITA, Het Nationale Theater, Het Zuidelijk Toneel, Theater Oostpool en Theater Utrecht. Ook zijn er producties van Theater Oostpool, Het Zuidelijk Toneel en Theater Utrecht voor de kleine zaal geselecteerd.
Na enige tijd afwezig te zijn geweest keerden de grote gezelschappen vorig jaar al ruim terug in de selectie. Dit jaar is hun aanwezigheid nog dominanter. Dat is in tegenspraak met de stelling van de jury dat de selectie laat zien „hoe breed, verrassend én geëngageerd het podiumkunstaanbod in Nederland is”. Om de breedte en de diversiteit van het veld te tonen, was meer aandacht voor kleinere gezelschappen en onafhankelijkere makers op zijn plaats geweest.
De keuze van de jury, onder leiding van Ernestine Comvalius, voormalig directeur van het Bijlmer Parktheater, bevestigt het al eerder geconstateerde overwicht van vrouwelijke makers en regisseurs in het theater: zeven van de tien voorstellingen zijn van vrouwelijke hand. Wat ook opvalt is dat er zowaar twee Vlaamse makers zijn genomineerd, en twee makers van buiten ons taalgebied: de Braziliaanse Carolina Bianchi, lid van het artistieke team van Theater Utrecht, en de Britse Mina Salehpour, gastregisseur bij ITA.












