De Nederlandse regering wil dat de Europese digitaledienstenwet (DSA) wordt uitgebreid met een duidelijke minimumleeftijd voor het gebruik van sociale media. Daarover heeft de Nederlandse regering samen met de Spaanse regering een voorstel naar de Europese Commissie gestuurd.
De twee regeringen proberen zo samen te voorkomen dat een onoverzichtelijke Europese soep van regels ontstaat. Die dreigt, omdat meerdere nationale regeringen binnen Europa op nationaal niveau een wettelijke minimumleeftijd vast willen leggen voor het gebruik van sociale media en sommige AI-chatbots en games.
„We moeten de online bescherming van kinderen Europees regelen, zodat kinderen overal dezelfde bescherming krijgen”, schrijft staatssecretaris Willemijn Aerdts (D66, Digitale Economie en Soevereiniteit) in een toelichting op het voorstel.
Wat de Nederlandse regering nu naar Brussel stuurt, is geen verrassing. In het regeerakkoord staat dat het kabinet-Jetten (D66, VVD, CDA) streeft naar een „handhaafbare Europese minimumleeftijd van vijftien jaar voor sociale media met privacyvriendelijke leeftijdsverificatie voor jongeren, zolang sociale media onvoldoende veilig zijn”.
Wetenschappers van de UvA hebben in opdracht van het ministerie van Justitie de wettelijke mogelijkheden verkend om dat te regelen. Zij schrijven dat het al heel veel zou helpen als de bestaande Europese wetten worden gehandhaafd, maar dat die nog iets duidelijker zouden kunnen op het vlak van leeftijdsgrenzen. En de Europese Commissie heeft een panel van experts laten adviseren over de mogelijkheden om kinderen online te beschermen.








