Op 26 augustus stortte een deel van een gletsjer bij de berg Langtang Lirung in, waardoor een grote vloedgolf ontstond. Het water stroomde samen met modder en keien via de rivier Lende Khola het dal in en richtte grote schade aan gebouwen en infrastructuur aan.

Volgens de autoriteiten zijn er tot woensdag ruim 1.114 mensen omgekomen bij de ramp. Nog zeker vierduizend mensen zijn vermist, onder wie 592 buitenlanders. Daar zitten ook drie Nederlanders bij. Woensdag werd contact gelegd met een Nederlandse vrouw. Twee andere Nederlanders zijn nog vermist. In de grensregio Tibet zijn 21 doden gevallen en worden zeker 541 mensen vermist.

Het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties (UNDP) schatte onlangs dat de overstroming minstens 2,2 miljoen ton puin heeft achtergelaten. Veel wegen zijn onbegaanbaar en bruggen zijn op sommige plekken te zwaar beschadigd om nog gebruikt te kunnen worden. De Nepalese minister van Financiën Swarnim Wagle zei tegen Reuters dat het herstel van alle schade ruim 4 miljard dollar gaat kosten.

Het Rode Kruis gaat ervan uit dat 93.000 mensen door de overstroming zijn getroffen. Zesduizend huizen zijn zo zwaar beschadigd dat mensen er niet meer in kunnen wonen. Zo'n 50.000 mensen zijn afhankelijk van noodhulp. "Waar we nu druk mee zijn, is in kaart te brengen wat er precies nodig is", zegt Carla Jonkers, hoofd van de afdeling Internationale Noodhulp van de organisatie, tegen NU.nl.