Het miezerde twee weken geleden bij het Catshuis, de ambtswoning van de minister-president. Toch oogde Rob Jetten (D66), de premier in kwestie, vrolijk. „We denken dat we in de komende weken een aantal voorstellen kunnen indienen waarmee we beide flanken bedienen.”
Met die boodschap over zijn zoektocht naar meerderheden voor de begroting van 2027, trapte het kabinet het politieke jaar af tijdens een ontmoeting met journalisten bij het Catshuis. Maar inmiddels, twee weken later, blijkt dat het kabinet nog helemaal niet in staat is om de oppositie te bedienen. Sterker: deze coalitie is zo intern verdeeld dat die aan onderhandelen niet echt toekomt.
De partijtoppen van D66, VVD en CDA onderhandelen de komende dagen opnieuw met elkaar over hoe zij de volgende stap voor zich zien – terwijl het kabinet vrijdag klaar wilde zijn. Maandag moet minister van Financiën Eelco Heinen (VVD) namelijk een begroting inleveren bij de Raad van State voor Prinsjesdag. Daarmee is het dit kabinet haast zeker niet gelukt om al meerderheden te vinden voor de begroting.
De drie partijen trappen, voor de zoveelste keer sinds de formatie, die ene grote kwestie voor zich uit: mag grootste oppositiepartij Pro meebepalen?















