Waarschuwing: dit artikel bevat schokkende details.
Het is ergens in mei als mensen van de Raad van de Kinderbescherming de kelder van het huis aan de Oranjestraat in Stadskanaal binnengaan. Door hun knieën gezakt zodat ze hun hoofd niet stoten, proberen ze zicht te krijgen op de donkere ruimte waarin een raam ontbreekt. In het kunstlicht zien ze spullen liggen, waaronder een deken. Horizontaal over de muur loopt een verwarmingsbuis.
Het is de buis waar in de maanden voorafgaand aan het huisbezoek een destijds vijfjarig meisje uit Stadskanaal regelmatig aan werd vastgebonden met kabelbinders. Net hoog genoeg dat ze niet kon zitten. Ze werd er geslagen, geschopt en kreeg nauwelijks eten. Als ze naar school moest mocht ze er weer uit.
Terwijl de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) uitzoekt waarom het zolang duurde voordat het meisje uit huis werd gezet, ondanks duidelijke signalen dat er wat mis was, concentreert het OM zich op de strafzaak.
Een van de dingen die in het onderzoek opvalt is de vermeende rol van Sharona B. Het is in de woning van de 31-jarige vrouw uit Stadskanaal waar het gros van mishandelingen plaatsvindt, maar het slachtoffer is de dochter van haar beste vriendin Liza van A. Het is Van A. die de mishandelingen uitvoert, zo bekend ze later. Hierbij valt het sadistische karakter op.









