Ach, Elizabeth Bennet en Mister Darcy. Wie Pride and Prejudice ook maar een beetje kent, weet van hun smachten, de misverstanden die tussen hen spelen, Lizzy’s verbale gaven en sprankelende persoonlijkheid. Elke nieuwe verfilming van de 19de-eeuwse roman van Jane Austen leunt zwaar op het charisma van de actrice die Elizabeth vertolkt: Jennifer Ehle (1995), Keira Knightley (2005) én Renée Zellweger in Bridget Jones’ Diary (1996). Dit najaar neemt Emma Corrin het stokje over, met de release van een nieuwe Netflix-serie.
Elizabeths zon schijnt fel – haar oudere zus Jane is een goeie tweede, en de twee jongsten, Kitty en Lydia, hobbelen er giechelend doorheen. Alle vier zijn ze vrolijk, knap en charismatisch. Ze weten de ogen van mannen op zich gericht. Hoe anders is dat voor Mary, de middelste van de vijf. Zij is niet zo mooi als de anderen. Ze leest liever dan dat ze kletst. Ze is niet speciaal grappig, gracieus of muzikaal – de scène waarin vader Bennet haar op de schouder tikt om een gênante piano-uitvoering te onderbreken is tijdloos pijnlijk. Jane Austen laat Mary aan het eind van Pride and Prejudice als enige achter bij haar ouders. Haar wacht een karig bestaan als gezelschapsdame.






