‘Dit is ’m dan: de Katopia”, zegt Carien Radstake, algemeen directeur van Stichting Zwerfkatten. Ze wijst naar een soort verhuisbus. „Het is een afkorting, het staat voor Kat-Operatie-In-Auto.” In de mobiele operatiekamer, die deze dag even in de loods bij het hoofdkantoor in Numansdorp blijft staan, worden jaarlijks zo’n tweeduizend schuwe zwerfkatten gecontroleerd, gevaccineerd, ontwormd, ontvlooid, geneutraliseerd en gechipt. „Dat is de TNRC-methode, het diervriendelijke en effectievere alternatief voor afschieten.” TNRC staat voor Trap Neuter Return/Relocate Care. Neuter of neutraliseren is de verzamelnaam voor het castreren van katers en steriliseren van poezen.

Op posters en flyers van de stichting staat een foto van een zwart-witte poes in hoog gras. Het kopje met de groene ogen zit precies in de roos van een bloedrode schietschijf. „Stop het doodschieten van katten”, staat boven de foto. Dat katten in Nederland worden afgeschoten klinkt misschien licht absurdistisch, maar het gebeurt wel. In de provincie Friesland zijn in drie jaar tijd ruim zevenhonderd katten op die manier aan hun einde gekomen. En nu overweegt Overijssel afschot ook toe te staan.

In beide provincies geldt als belangrijkste argument: het beschermen van weidevogels zoals de grutto, wulp en tureluur. „Begrijp me niet verkeerd, ik ben dól op vogels”, zegt Radstake, die zichzelf eerder ook al omschreef als „eigenlijk” een hondenmens. „Mijn ringtone is zelfs het geluid van kwakende eenden. Ik wil dus ook dat het goed gaat met de weidevogels, maar katten afschieten gaat ze niet helpen. Weidevogels hebben veel grotere problemen.” Ze somt op: intensieve landbouw met pesticiden, droogte en een teruglopende insectenstand. „De kat veroorzaakt maar voor een fractie de slechte weidevogelstand.”