De vlammenzeeën die de afgelopen weken delen van Frankrijk en Spanje in de as legden, waren moeilijk te missen. De Franse president Macron sprak van de „zwaarste situatie” sinds de Tweede Wereldoorlog, de natuurbranden in de provincie Ávila in centraal Spanje gelden als de grootste in de recente Spaanse geschiedenis. Hadden wetenschappers niet een paar jaar eerder kunnen waarschuwen voor klimaatverandering, kopte satirisch medium De Speld even snedig als wrang.

Want dat is wat het is – en het is van het grootste belang dat te blijven benadrukken: de opwarming van de aarde ligt ten grondslag aan de omvang en intensiteit van de natuurbranden in Europa en wereldwijd. Ja, ook andere factoren spelen een rol en in verschillende mediterrane gebieden komen natuurbranden jaarlijks voor. Maar de combinatie van extreme droogte en extreme hitte maakt dat de branden sneller, heviger en harder gaan. Die weersextremen zijn het gevolg van de toename van broeikasgassen in de atmosfeer, veroorzaakt door de mens.

Het westen van Europa heeft al drie hittegolven achter de kiezen dit jaar en de Europese klimaatdienst Copernicus becijferde dat juni 2026 de warmste junimaand ooit gemeten is voor West-Europa als geheel. In het zuiden van Europa liepen ook deze week de temperaturen op tot ruimschoots boven de 35 graden. Overzichtskaarten tonen actieve branden in vrijwel alle Europese landen die grenzen aan de Middellandse Zee. Zelfs in Engeland en Schotland (hallo, regenachtige zomers?), woeden natuurbranden.