De surveillance van de 21-jarige Abdul B. kwam op gang na zijn veroordeling in mei van dit jaar voor het "voorbereiden van een ernstige geweldsdaad" die de staat in gevaar zou brengen, blijkt uit onderzoek van de krant Süddeutsche Zeitung en omroepen NDR en WDR.

Tot zijn veroordeling zat B., een geboren Duitser met Libanese achtergrond, in voorarrest. De rechter besloot hem daarom te alleen te veroordelen tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden. Wel moest een reclasseringsambtenaar toezien op zijn deradicalisering. De rechter had twijfels of B. zijn interesse in terreurgroep IS had laten varen. Hij stond als "lid van het islamistische milieu" al sinds zijn zestiende op de radar van de veiligheidsdiensten.

Bij de veiligheidsdiensten bestond de vrees dat B. het land zou verlaten of opnieuw een aanslag zou willen voorbereiden. Daarom kregen ze toegang tot zijn telefoon en werd zijn gedrag online in de gaten gehouden. Ook werd de verdachte zo nu en dan gevolgd op straat. Voor de deur van zijn woning werd een camera opgehangen. Volgens Duitse media werden die beelden iedere 24 uur teruggekeken. De berichtgeving maakt niet duidelijk of de veiligheidsdiensten B. afgelopen zondag hebben zien vertrekken.