"Van vrijdag op zaterdag is de wind gedraaid. Vrijdag ging Ferrari nog heel snel, maar zoals het zaterdag waaide kwam onze auto echt ten goede", legde Norris na zijn twaalfde overwinning uit. "Ik zeg niet dat we anders niet hadden gewonnen, maar de wind speelt echt een grote rol."

Toch durfde Norris ook zichzelf op de borst te slaan nadat hij met de verbeterde McLaren voor het eerst sinds begin november weer eens won. "Ik heb rondenlang dicht achter mijn teamgenoot gereden. Ik kon hem makkelijk bijhouden en was gewoon veel sneller."

Dat Oscar Piastri toch aan de leiding kwam, lag ook aan Norris. Van pole kwam de Brit goed van zijn plek, maar in bocht 2 schoot hij te ver door. Daardoor ging zijn Australische teammaat binnendoor naar de kop. "Dat was niet mijn beste bocht 2", glimlachte Norris.

Daarna werd Norris lang opgehouden door Piastri, die er zelfs na de eerste serie pitstops nog voorbleef. "Maar ik wilde gewoon winnen. Dus ik vroeg in ieder geval om iets anders. Ik had makkelijk bij Oscar weg kunnen rijden om een gat te maken voor een pitstop. Ik zat in een goede flow. Dan ben ik lastig te stoppen."

Norris kwam uiteindelijk toch aan kop door inderdaad langer buiten te blijven dan Piastri. Die werd ondertussen geraakt door achterblijver Carlos Sainz, waarna zijn versnellingsbak ook nog de geest gaf. "Dat was natuurlijk balen voor Oscar", had Norris nog enig medelijden met zijn teammaat.