President Donald Trump wisselde na de NAVO-top in Ankara eerder deze maand abrupt van vliegtuig vanwege wat Amerikaanse veiligheidsdiensten beschouwden als een „reële dreiging” door groepen gelieerd aan Iran. Dat schrijft The New York Times zaterdag op basis van anonieme bronnen.

Deze „Iraanse proxies”, die niet bij naam worden genoemd, zouden het hebben gemunt op Trump en het presidentiële vliegtuig tijdens de terugvlucht vanuit de Turkse hoofdstad.

Trump vloog op de heenweg met de nieuwe Air Force One, een cadeautje van Qatar, maar voor de terugvlucht werd het luxetoestel ingeruild voor het oude presidentiële vliegtuig, dat over meer geavanceerde veiligheidssystemen beschikt. De dreiging zou niet toegespitst zijn op het nieuwe vliegtuig, maar gold volgens de anonieme bronnen voor elk vliegtuig waar Trump mogelijk mee zou reizen.

Extra risico

Eerder meldde The New York Times al dat het nieuwe vliegtuig, onder druk van Trump, zo snel in gebruik was genomen dat er niet dezelfde veiligheidssystemen konden worden ingebouwd als bij het oude vliegtuig. Hierdoor zouden Trump en andere passagiers extra risico lopen. Na die eerdere berichtgeving werden diverse journalisten van The New York Times gedagvaard om te getuigen over wie hun bronnen zijn binnen de regering. Het ministerie van Justitie trok die dagvaardingen donderdag in na kritiek van een rechter.