Bij Amerikaanse luchtaanvallen op het zuiden van Iran zijn in de nacht van donderdag op vrijdag zeker acht personen gedood. Ruim twintig anderen raakten gewond. Dat melden internationale persbureaus op basis van nieuwsagentschap IRNA, dat aan het Iraanse regime is verbonden. Het gaat om de zesde opeenvolgende nacht van Amerikaanse aanvallen op Iran. Van de deal die beide landen in juni sloten, en die onder meer een staakt-het-vuren behelst, is weinig meer over.

De Iraanse Revolutionaire Garde zegt intussen dat het een Amerikaanse commandopost in het oosten van Syrië, in de plaats Al-Tanf, heeft aangevallen. Een Syrische militaire bron heeft de aanval bevestigd aan persbureau Reuters, en stelt dat er geen slachtoffers of schade is. Het zou gaan om de eerste aanval op Syrische grondgebied sinds de door de VS en Israël geïnitieerde Iran-oorlog van eind februari. Onafhankelijke media kunnen de mogelijke aanval op Syrië vooralsnog niet verifiëren. De Syrische president Ahmed al-Sharaa verklaarde in maart part noch deel te willen hebben aan een geweldsconflict in het Midden-Oosten.

Iran viel ook opnieuw Irak aan. In de buurt van de oostelijk gelegen stad Sulaimaniyah zijn daarbij ruim acht mensen gedood, melden persbureaus op basis van een Koerdische politieke partij. Volgens het Irakese gezondheidsministerie zijn sinds het opnieuw oplaaien van het geweld in juli zeker 38 personen gedood in Irak, vierhonderd anderen raakten gewond.