Volgens de wet mag het: een abortus uitvoeren bij 22 of 23 weken zwangerschap, ook zonder medische noodzaak. Maar in de praktijk wijken vrouwen hiervoor vaak uit naar het buitenland, omdat Nederlandse zorgverleners dit lang niet altijd aanbieden. Dit „zorghiaat” moet gedicht worden, vinden de beroepsverenigingen van gynaecologen (NVOG) en abortusartsen (NGvA) al langere tijd. Hun oproep aan ziekenhuizen om deze zorg aan te bieden, lijkt nu resultaat te hebben. Enkele ziekenhuizen hebben zich gemeld voor een proef waarbij zij praktische ondersteuning krijgen vanuit de beroepsvereniging, zo bracht de NVOG dinsdag naar buiten.

De SGP stelde maandag een lange lijst schriftelijke Kamervragen aan minister Sophie Hermans (Volksgezondheid, VVD) over de volgens de partij „zeer omstreden” en „huiveringwekkende” proef. Volgens gynaecoloog Wouter Meijer, voorzitter van de NVOG, gaat het om een noodzakelijke stap. „Van deze zorg hebben we in Nederland gezegd, in onze wetgeving, dat we die wenselijk vinden. Dan moeten we die ook toegankelijk maken voor vrouwen.” Vier vragen over late abortussen.

1Hoe gebruikelijk zijn abortussen vanaf 22 weken?

Meer dan driekwart van de abortussen vindt in de eerste negen weken van de zwangerschap plaats. Van de ruim 39.000 abortussen die in 2024 in Nederland werden uitgevoerd, werden er slechts 331 uitgevoerd in week 22 of 23, volgens de laatst beschikbare cijfers.