Tijdens het WK van 1966 waren er nog geen gele en rode kaarten, maar konden spelers wel door de scheidsrechter uit het veld gestuurd worden. Dat overkwam de Argentijnse aanvoerder Rattín tijdens de kwartfinale tegen Engeland op Wembley nadat hij herhaaldelijk aanmerkingen had op de West-Duitse scheidsrechter Rudolf Kreitlein.

Rattín bleef echter op het veld staan. Naar eigen zeggen begreep hij niet dat de scheidsrechter, die geen Spaans sprak, hem wegstuurde. Het duurde bijna tien minuten tot de woedende Rattín alsnog het veld verliet.

Uit boosheid ging Rattín daarna nog op een rode loper zitten, die uitsluitend bedoeld was voor de Britse koningin Elizabeth. Engeland won de kwartfinale tegen tien Argentijnen met 1-0 en kroonde zich uiteindelijk tot wereldkampioen.

Het incident en de vermeende miscommunicatie met Rattín was aanleiding voor de invoering van de gele en rode kaarten op het WK dat volgde, in 1970 in Mexico. Twee jaar later deden de kaarten hun intrede in de Eredivisie.

Rattín was ook actief op het WK van 1962 in Chili, waar Argentinië in de groepsfase strandde. Hij debuteerde in 1959 voor de Argentijnse ploeg en speelde tien jaar later zijn 34e en laatste interland.