Aan een bal die heen en weer rolt, schenkt ze doorgaans nauwelijks aandacht. Maar Salma Barmani (31) zit hier deze donderdagavond precies waar ze horen wil: tussen honderd anderen op klapstoelen van rood velours voor de kwartfinale Marokko-Frankrijk van het WK voetbal. Thuis kijken, alleen? Ze schudt haar hoofd. „Dat vind ik een verdrietig idee.”

In Café Colon, in de oude binnenstad van Tanger, zitten oude mannen in geruite overhemden naast jongens in het rood van de Atlasleeuwen. Vrouwen naast mannen, allemaal met het hoofd naar dezelfde televisie hoog aan de muur gedraaid. „Die vanzelfsprekende Marokkaanse eenheid is niet zomaar te reproduceren”, zegt Barmani. „Jongens, mannen, meisjes, íedereen bij elkaar: dat zie je nergens anders.” Ze denkt even na waar dat nog wel gebeurt. „Onze bruiloften misschien? Het is de enige andere plek die ik kan bedenken.”

Om tien voor zeven lokale tijd leunt dat collectieve gevoel nog op reikhalzende verwachting. Zo’n anderhalf uur later wordt het zwaar op de proef gesteld. In de zestigste minuut van de wedstrijd krijgt de Franse Kylian Mbappé de bal met verdediger Issa Diop pal voor zich. Hij legt aan en zwiept de bal in één korte beweging voorbij doelman Yassine Bounou. Café Colon, dat tot dan onder de spanning kreunde, valt in één klap stil. Vier jaar geleden was het Théo Hernández. Nu komt de klap van Mbappé.