Het Verenigd Koninkrijk bevindt zich in een politiek niemandsland. Het zijn weken waarin vertrekkend premier Keir Starmer publiekelijk waarschuwt hoe moeilijk zijn baan is. „Wie mij ook opvolgt zal met hetzelfde wereldwijde conflict worden geconfronteerd”, zei hij tegen de BBC. En in zijn eigen nieuwsbrief somt hij op wat hij allemaal goed heeft gedaan, de afgelopen twee jaar, ook al wil zijn partij hem vervangen.

Zijn waarschijnlijke opvolger Andy Burnham krijgt alvast introductiesessies bij het ministerie van Algemene Zaken en andere departementen. De Londense bubbel van journalisten, analisten en politici speculeert volop over zijn plannen, zijn kabinet en wie er belangrijke ministersposten krijgen.

Vanaf donderdag kunnen Lagerhuisleden van Labour zich officieel aanmelden als kandidaat voor het leiderschap van hun partij. Deze nieuwe partijleider wordt automatisch ook premier, door de grote meerderheid van Labour in het Lagerhuis. Volgens de regels is aanmelden een week lang mogelijk, maar het is onwaarschijnlijk dat iemand het tegen Burnham gaat opnemen.

Burnham wordt binnenkort de zevende Britse premier in tien jaar tijd. In de jaren tachtig en negentig maakte één premier zomaar tien jaar vol, denk aan Margaret Thatcher (1979-1990) of Tony Blair (1997-2007). Van de Schotse krant The National tot het Amerikaanse CNN en van de Financial Times tot nieuwssite EUobserver, vragen journalisten zich af waarom het VK tegenwoordig zo vaak van premier wisselt.