Victor Willis, de Amerikaanse voorman van de Village People die donderdag op 74-jarige leeftijd overleed, had een ambivalente houding jegens zijn grootste hit, ‘YMCA’. Vanaf het verschijnen in 1978 werd de discoklassieker onthaald als gay-anthem. Maar Willis, zelf hetero, hield vurig vol dat er helemaal geen homobedoeling achter zat. Dat het gewoon een liedje was over jongens die samen plezier hebben in de jeugdherberg.

Ook de Amerikaanse president Trump negeerde de connotatie en gebruik ‘YMCA’ als vast nummer op zijn verkiezingsbijeenkomsten. Aanvankelijk wilde Willis hier niets van weten – zijn vrouw en manager Karen Willis dreigde met juridische stappen – maar toen het geld binnenstroomde, bedacht hij zich. In januari 2025 zong hij zijn hit live op Trumps pre-inauguratiefeest. De president stond naast hem op het podium en deed zijn befaamde vuistendans. Pijnlijk voor de gay-achterban, die de hard bevochten lhbtiq-rechten door Trump ernstig bedreigd ziet.

Willis, geboren in 1951 in Dallas, opgegroeid in San Francisco, begon met zingen in de baptistenkerk van zijn vader, die dominee was. Hij zat als snel in de soul en jazz, zong in de musical Hair, en vertrok naar New York om het te maken als artiest. In zijn onzekere begintijd in de grote stad werd hij liefdevol opgenomen in de christelijke jeugdherberg YMCA. Hij sloot zich aan bij de Negro Ensemble Company en zong in de zwarte musical The Wiz.