Maar liefst één op de drie werknemers heeft een concurrentiebeding, waardoor zij niet zomaar bij een concurrent van de werkgever aan de slag kunnen. Zo’n beding is bedoeld om ervoor te zorgen dat bedrijfsgeheimen of klantgegevens niet zomaar bij een branchegenoot terecht kunnen komen. Maar in de praktijk is er eigenlijk geen goede reden voor een overstapbeperking, zegt het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Lang niet al het personeel heeft met gevoelige informatie te maken.

Minister Hans Vijlbrief van Sociale Zaken (D66) werkt daarom aan een wetsvoorstel dat de regels rond het concurrentiebeding moet aanscherpen. Volgens Vijlbrief belemmert het beding de doorstroom op de arbeidsmarkt. „Veel mensen durven nu geen volgende stap te zetten, terwijl veel werkgevers staan te springen om nieuw personeel.”

De minister stelt voor dat werkgevers voortaan hun werknemers moeten betalen als ze het concurrentiebeding willen inzetten. Die vergoeding zou een half maandsalaris moeten zijn voor iedere maand dat de beperking van kracht is. Ook zou er een limiet van maximaal één jaar moeten komen en moet benoemd worden in welke regio het beding geldt.

Een concreet wetsvoorstel is er nog niet. Dat wil Vijlbrief eind dit jaar naar de Tweede Kamer sturen.