In de rechtbank van Amsterdam dient woensdag de vierde inleidende zitting in de moordzaak. Chris J. wordt niet alleen verdacht van moord op de zeventienjarige Lisa, maar ook van een verkrachting en een poging tot verkrachting, die plaatsvonden tussen 10 en 20 augustus vorig jaar.

Over het onderzoek werd in de rechtszaal weinig meer gedeeld dan dat het afgerond is. De discussie die wel werd gevoerd, ging over het raadplegen van politiesystemen door bijna zeventienhonderd agenten. Zij zochten informatie over het onderzoek naar de dood van Lisa, wat door de korpsleiding in eerste instantie werd beschouwd als "onnodig".

Daardoor ontstond het idee dat agenten hadden lopen spieken in vertrouwelijke informatie. In de weken daarna werd dit beeld genuanceerd, met excuses van de korpsleiding als gevolg.

Toch zijn er vanuit de verdediging van J. nog vragen. Uit onlangs uitgevoerd onderzoek blijkt dat het politiesysteem na 22 augustus nog is geraadpleegd. Op dat moment was de verdachte al aangehouden. De verdediging wil daarom weten of dat wel mocht, of dat er zonder legitieme reden gevoelige informatie is ingezien. Dat zou een mogelijke privacyschending zijn.

Volgens het Openbaar Ministerie (OM) is er geen reden om aan te nemen dat agenten onnodig de systemen hebben geraadpleegd. Daarnaast is het van geen enkele invloed geweest op het onderzoek naar de verdachte en zijn betrokkenheid bij de dood van Lisa. Die betrokkenheid heeft hij bekend.