Vondrousová wilde op 3 december geen monster afstaan toen er vroeg in de ochtend bij haar thuis een dopingcontroleur op de stoep stond. Volgens de regels staat zo'n weigering gelijk aan een positieve dopingtest. Daarop staat in het tennis een maximale straf van vier jaar bij een eerste overtreding.

Vondroušová voerde mentale problemen als reden op voor het weigeren van de dopingtest. Ze schreef op Instagram dat ze "een breekpunt had bereikt na maanden van fysieke en mentale stress" en noemde de dopingcontrole bij haar huis een "ernstige inbreuk" op haar privacy.

De ITIA, het tuchtorgaan in het tennis, oordeelt na een hoorzitting en het bekijken van al het bewijs dat Vondrousová "geen overtuigende rechtvaardiging" voor het weigeren van de test heeft aangedragen. Daarom moet de drievoudig toernooiwinnares op de WTA Tour nu vier jaar toekijken. Haar schorsing eindigt op 21 juni 2030.

"De veiligheid en gezondheid van onze testers en de tennissers zijn heel belangrijk voor ons", zegt Karen Moorhouse, de baas van de ITIA, in een verklaring. "Daarom hebben onze testers te allen tijde een ID-bewijs mee en zijn ze goed getraind. We snappen dat dopingtesten oncomfortabel kunnen zijn, maar onverwachte testen zijn essentieel om de sport schoon te houden."