De opmars van kunstmatige intelligentie levert Nederland een nieuw miljardenbedrijf op. Chipmachinemaker Nearfield kondigde maandag een grote investeringsronde aan van 380 miljoen dollar (330 miljoen euro). Daarmee is deze spin-off van onderzoeksinstelling TNO op papier 1,4 miljard euro waard, laat het bedrijf weten.

Nearfield, gevestigd in Rotterdam, ontwikkelt meettechniek die nodig is bij de productie van de jongste generatie AI-chips. De wereldwijde expansie van AI-datacenters vraagt om geavanceerde processors en geheugenchips, die vaak uit meerdere chiponderdelen bestaan. Om deze elementen foutloos te stapelen en te verbinden, moet je ze eerst heel nauwkeurig meten. De apparaten van Nearfield doen dat met behulp van atoomkrachtvelden. Met een hypergevoelig naaldpuntje, een soort piepkleine platenspeler, brengt Nearfield het oppervlak in kaart van de siliciumschijven waarop chips geproduceerd worden.

Nearfield bedacht een manier om de meetsnelheid op te voeren met meerdere naaldpuntjes. Daarom zijn de machines geschikt voor de massaproductie van chips, in fabrieken die honderden schijven per uur verwerken. Deze systemen worden al in de praktijk ingezet bij chipfabrikanten als Samsung, Intel en TSMC. Die bedrijven gaan ‘opschalen’ en grote volumes produceren, met name voor AI-datacenters. Dat betekent dat Nearfield ook moet groeien.